0

Hela Siessen

Geplaatst door Johan Morris op 8 oktober 2026 in liederen, Over Leut & Plezier | ∞

Zoals vaak op liedbladen uit die periode wordt de strofe alias het “couplet” een “compleet” genoemd…

 
Achille Coppenolle bezingt de fratsen van een zekere (Fran)sies Verschelden, ons onbekend. De familienaam kwam wel voor in Roeselare, misschien had Coppenolle een “beruchte” kennis in gedachten.

De beschreven kapoenenstreken vallen nogal mee en lijken eerder een voorwendsel om met de bekende melodie van “Viva Bomma (patatten met socissen)” te kunnen uitpakken. Dat zou volgens sommigen een “Antwerps volkslied” zijn dat “later in Vlaanderen en Brussel bekend werd.” Zou kunnen, het is vooral zeer oud.
We hechten meer geloof aan Richard Vankenhove die in “Het Volksleven in het Straatlied” (1932) verklaart dat hij het optekende “uit den Gentsen Volksmond” en hij verwijst naar het bezoek van prins Leopold aan Boma, de toenmalige hoofdstad van CongoVrijstaat. Dat zou dan nog voor 1865 moeten geweest zijn want toen werd de prins tot koning Leopold II gekroond en in die hoedanigheid is hij nooit zelf in Congo geweest. De “patatten met socissen” (en de cervelas) van het mild spottende straatliedrefrein moeten waarschijnlijk verband houden met het invoeren door kolonisten van niet-Afrikaanse teelten en gewoonten in Congo die voor Europa belangrijk waren.

Straatliederen hebben meestal enkel een refrein en de melodie kwam bijna altijd uit een toendertijd populaire opera of operette. Onze kennis van die werken is zo goed als onbestaande, dus die link kunnen we vooralsnog niet leggen. En we weten evenmin waar de melodie van de strofen vandaan komt

Marktzanger  Leon Vanderplancke gebruikte “Viva Bomma” als zangwijze in het lied “De belasting op de jonkmans” en het begin van het refrein lijkt wel heel sterk op dat van Coppenolle…

Hela Siessen

1090 [A] Achille Coppenolle. [C] onbekend

Wie heeft er soms horen spreken
van Sies Verschelden, die kapoen?
Hij steekt uit altijd aardige streken
en is gewend van kwaad te doen.
Want over tijd, niet lang geleden,
stak hij een waterput in brand
en al de mensen, gans verlegen,
die riepen: ’t is een echte schand.

Hela Siessen, past op voor de politie.
Hela Siessen, de gardeville is daar.
Houd u koest en blijf op uw gemak (tralala)
of gij vliegt nog seffens in den bak. (tralala)
Hela Siessen, houd u een beetje stille.
Hela Siessen gebruik maar uw verstand
want gij ziet, dat potje op de kant (tralala)
is een beetje aangebrand.

Laatst in de kino gezeten
nevens een meisje tweemaal tien
maar zij moest van de liefde niet weten,
aan haar manieren kost het zien.
Maar Siessen kon hem niet bedwingen,
hij gaf haar ene ferme zoen.
Gelijk een stier was hij aan ’t springen
en al het volk riep: « Gij kapoen ».

Siessen houd veel van de wijven,
hij heeft somtijds een lief of tien.
Overlest waren z’allen aan ’t kijven
en Siesken had het juist gezien.
Marie met Siska en Hortense
lagen aan’t vechten op de grond
en al het volk riep zonder zwansen:
« Wie smijt er daar met paardestront? »

PDFlogo Partituur * Hela Siessen *
MP3logo
      1. instrumentaal

 Bronnen:
zangwijze: "Vivan Bomma", zoals opgetekend in "Het Volksleven in het Straatlied" (1932)
liedblad uit verzameling Roos Vercruyse (MUZ0894)

Tags:

0

De nieuwe verkeersreglementen

Geplaatst door Johan Morris op 1 oktober 2026 in liedbladen, liederen, Spot & Ironie | ∞


Het zal wel duidelijk zijn dat Copenolle zich heeft geamuseerd met ironisch zwaar te overdrijven, al ben je dan nog niet zeker dat alle toehoorders dit meteen door hebben. Het valt trouwens op dat de gemeenplaatsen die hij hanteert ook vandaag nog populair zijn op sociale media en online lezersrubrieken van sommige kranten. Gelukkig is het bij ons nog niet zo ver dat je met uit hun verband gerukte redeneringen en “alternatieve feiten” de verkiezingen kan winnen, maar het scheelt niet veel.

De nieuwe verkeersreglementen

1103 [A] Achille Coppenolle (1885-1954) [C] Ralph Benatzky (1884-1957)

Door overvloed van schulden die ons land in roere zet
is’t weer een nieuwe wet, dus vrienden opgelet:
gij zult er wel van horen, ’t zij voor heer of ’t zij voor boer:
de wet op het verkeer en het vervoer.

’t Is nu verboden in het donker te staan vrijen,
gij moet voorzien zijn van een pile americain(1).
Ne velo die mag zonder achterlicht niet rijden,
de duiven mogen niet meer vliegen zonder frein.
Ge moet op stap gaan met een paard in een voiture,
nen ezel moet ne muilband dragen overal.
Die met ’n auto meer als honderd rijdt per ure
die is verzekerd van een groot proces verbaal.

Een trottinette zonder plak, nen dove zonder bel,
zie jongens, luistert wel, dat is van genen tel.
Een koeiken dat gesmokkeld wordt, dat is de moeite waard,
moet ook een rood signaal aan zijne staart.

Een hondenkar die mag geen koebeesten vervoeren,
een tram die moet aan alle straten blijven staan.
’t Is bovendien nog streng verboden aan de boeren
met margarineboter naar de markt te gaan.
Zij maken speciale wegen voor voituren
die kunnen vliegen met een snelheid overgroot.
Maar ’t arrem volk moet het betalen en bezuren
want met die auto’s rijden z’alle mensen dood.

Ne man die naar een ander gaat moet zorgen voor een pas,
maar al dat vreemde ras dat wordt hier niet belast.
Ne korte wagen, dat is waar, betaalt voor zijn construct
voorzeker ook een beetje tax-de-lux!

Wie geen patenten heeft die mag niet meer gaan leuren
en al de kauwen moeten uit den toren weg.
Ja, d’honden mogen niet meer pissen aan de deuren,
maar wil nu allen goed begrijpen wat ik zeg:
‘k Heb horen zeggen van een boerken uit den buiten,
ten naaste jare zal het worden aangeplakt:
« Allez, vooruit en brengt ons hulder laatste kluiten,
en die niet rap en is zal vliegen in den bak. »


(1) zaklamp (op batterijen)
PDFlogo Partituur * De nieuwe verkeersreglementen *
MP3logo
      1. instrumentaal

 Bronnen:
zangwijze: "Wat kan die Sigi daar aan doen dat hij zo schoon is?"
muziek uit de operette "Het Witte Paard"
in MUZ0940 liedbladen verzameling Willy Michiels

Tags:

0

Mijn kleine Lena

Geplaatst door Johan Morris op 24 september 2026 in liedbladen, liederen, Over Liefde & Verdriet | ∞

Het liedblad beweert dat alle liederen erop weliswaar geschreven zijn door Aloïs Van De Velde uit Lokeren maar dat ze gezongen werden door zijn echtgenote Honorine Van Hemelrijk. Dat kan voor het verhaaltje over “Mijn kleine Lena” niet kloppen, dat moet overduidelijk door een man gezongen worden. Laten we aannemen dat Aloïs dat echt wel zelf zong.

Lena was dus een schoon kind en het buurmeisje van de zanger. Toen zij een mooie 16-jarige jongedame was geworden probeerde ze die schoonheid te gelde te maken en  onze onfortuinlijke zanger bleef treurend achter met een redelijk gebroken hart.
Het frivole leventje van Lena draaide echter op niets uit en vele jaren later kwam ze terug aankloppen bij haar jeugdvriend met de vraag haar te vergeven. En dan stopt het lied: doet hij het of doet hij het niet? Dat mag de toehoorder zelf invullen, de zanger/auteur zwijgt erover want anders zou hij een deel van zijn publiek kunnen teleurstellen…

Mijn kleine Lena

1089 [A] Aloïs Van de Velde. [C] René de Buxeuil

Als zij was een meisje van zo omtrent tien of elf jaar
speelden wij altijd samen als een kinderpaar,
en des avonds als wij van het lopen waren zo moe
dan kusten wij elkander als zuster en broer.
‘k Zie haar nog voor mij staan,
’t lieve kind was toen nog maar elf jaar.

Lena was ene bloeme,
het schoonste meisje noemde men haar in de straat.
Lena die mocht zich roemen
dat zij reeds kost een kinderhartje snel doen slaan.
Lena haar blonde haren
die als een kroontje van haar hoofdje vielen neer.
O dan geleek zij een engel,
ik denk nog aan haar zo vol hartzeer.

Zo werd zij steeds groter en werd zij ene schone maagd,
weg vlogen kinderjaren, zij werd zestien jaar.
Hare schone ogen die volgden elken rijken heer
en wat ik reeds zo lange dacht gebeurt toch ne keer:
verkocht voor geld haar eer
en men zag die reine bloem niet meer.

Lena, waar zijt ge henen?
Ik die voor u mijn hart, mijn bloed te pande gaf!
Lena, zij was verdwenen,
ik bleef alleen met mijn verbrijzeld mannenhart.
Lena, ons kinderjaren,
daar lacht en spot ze mee ginds in de grote stad.
Zij zwiert nu alle dagen
met rijke heren langs den boelvaar.

Zo vervlogen er veel jaren en ik dacht zelfs niet meer
aan die schone reine bloem, Lena van weleer.
Toen op zek’ren nacht hoorde ik ene stemme zo zacht,
klonk smekend lijk een bede als een bitt’re klacht:
’t was de stem van Lena, o die had ik hier nooit meer verwacht !

Lena die vroeg mij smekend:
« Wil mij vergeven al het kwaad dat ik u deed. »
Lena kwam tot mij weder,
gelijk een slet die men vervloekt de stad uit dreef.
Zij was niet meer die schone,
die reine bloem, het schoonste meisje uit ons straat.
Zij sprak: « Ach mint mij weder,
ons kinderjaren, denkt daar nog aan!

PDFlogo Partituur * Mijn kleine Lena *
MP3logo
      1. instrumentaal

 Bronnen:
zangwijze: "Zaza" 1923
liedblad "15e Vlaamsche Uitgave 
Aloïs Van de Velde & Honorine Van Hemelrijk" (MUZ0734)

Tags:

Copyright © 1967-2026 Wreed en Plezant Alle rechten voorbehouden.